Nieuwe bijdragen tot de geschiedenis van Sint-Pieters-Rode

Voorwoord

Wie grasduint in de geschiedenis van zijn geboortestreek is als een autovoerder die in zijn achteruitkijkspiegel kijkt. Hij ziet de mensen en de gebeurtenissen in een zich al maar door verkleinend beeld, onduidelijk en van uit een beperkte gezichtshoek. En zoals het voor hem moeilijk is de motieven te raden van de mensen in de verte achter zich, zo is het ook voor wie geschiedenis wil schrijven wel eens lastig de redenen te achterhalen waarom de mensen in de mist van het verleden zo hebben gehandeld en niet anders.

Weliswaar zijn er de in tijd schaars verspreide lichtsignalen der gekende archiefstukken, maar het wordt ook wel eens rijden in volslagen historische duisternis.

Het wordt dan een raden en, om een ander beeld te gebruiken, een riskant vogelpikspel om de historische roos te treffen: niet iedere worp naar de waarheid is een treffer; hoogstens een goede poging die slecht uitdraait.

Het in het blinde werken zal er dan wel de oorzaak van zijn, dat zeer zelden de kern van der waarheid, misschien veeleer de verre omtrek geraakt wordt, met de gevolgen van dien: een dorpsgeschiedenis met schamele historisch gefundeerde trefpunten, waar rond onjuiste interpretaties en in de verste verbanden overvloedige vondsten voorkomen die getuigen dat het hoofd van de geschiedschrijver een bevoorrechte plaats is waar inspiratie nog vruchtbaar werk levert en niet de transpiratie.

En toch moeten we dank weten aan elkeen die een eerlijke poging deed de waarheid te ontbolsteren en, zijn goede wil ten spijt, strandde op volslagen duisternis. Hebben zij er ons niet toe aangezet verder te zoeken en desnoods een andere weg in te slaan omdat de hunne een dood spoor bleek te zijn? Welke geschiedschrijver schoot niet zijn historische bok? Uit die les van het verleden willen we er een voor het heden halen. Daarom hebben we ons voorgenomen alleen maar als zeker te bestempelen hetgeen ons als zeker voorkomt, niet uit voorgaande werken, maar uit originele documenten.

Daar rond is er nog plaats voor fantasie.

Fantasie? Welk dorp kent niet zijn legende, aan welk gehucht hangen niet enkele vreemde verhalen vast? We willen het als onze taak maken, te bewijzen dat zelf die fantasierijke legenden de dragers zijn van een - soms harde - kern van waarheid. Bij het doorworstelen van honderden archiefstukken werd het ons van langsom meer duidelijk, hoe sterk de parochie en de gemeente Sint-Pieters-Rode verbonden waren met het wel en wee van de Brabantse stede bij uitstek: Leuven.

Naast de bedoeling die ten grondslag lag bij het schrijven van onze dorpsgeschiedenis ons volk te leren kennen van uit zijn verleden, en dit ten behoeve van onze mensen, hebben we ons daarbij ook voorgenomen de innige verbondenheid aan te tonen van de grote stede Leuven met het kleine Sint-Pieters-Rode. Zit in deze dorpsnaam reeds geen verwijzing naar de beroemde Sint Pieter van Leuven? Waren niet de talrijke telgen van Leuvense geslachten heren van Horst, Rode, Cleerbeek en Schubbeek?

Daarbij komt nog dat de abdij van ‘t Park zeer veel bijdroeg tot het geestelijk en stoffelijk wel zijn van dorp en parochie, door de eeuwen heen, tot na de Franse revolutie en het ineenstuiken van Napoleon's wereldrijk. Park diende trouwens in Sint-Pieters-Rode niet alleen de geestelijke belangen.

Wanneer we ons dus de moeite hebben getroost de draad der geschiedenis uit vele archiefstukken moeizaam en geduldig samen te spinnen tot een houdbare en aanvaardbare dorpsgeschiedenis, dan was dat niet zozeer om de geschiedenis zelf, dan wel om, door de loop der tijden, mensen en dingen te onderkennen in handeling of situatie, en vanuit dit historisch gebeuren besluiten trekken voor het heden; een les - iedere mensenhandeling heeft gevolgen, goede af kwade - en een bepaald gevoel van fierheid omdat Rode, in zijn naam, in zijn geslachten, in zijn territorium en parochie in de loop der tijden een belangrijke, aan Leuven gebonden naam had.

Het opzet van deze embryonale dorpsgeschiedenis die ver van volledig is en bijgevolg maar een bijdrage wil zijn, is te bewijzen dat Rode en Leuven innig samen verbonden waren, zo geestelijk als wereldlijk. In de hoop dat anderen na ons eveneens belangstelling zullen hebben voor de Rodense geschiedenis en om, in een tijd waarin zoveel techniek wordt gewonnen en zoveel cultuur verlaten, het Rodense cultuurbezit te vrijwaren en veilig te stellen, hebben we getracht een inventaris op te maken van alle ons bekende archiefstukken van kerk en gemeente alsmede een opsomming van het bescheiden - en daarom des te kostbaarder - kunstbezit der parochie.

In ons speurwerk werden we geholpen met raad en daad door een massa bereidwillige mensen. Naar hen gaat dan ook bij de aanvang van deze dorpsgeschiedenis onze hartelijkste dank.

Home Inleiding Zoek Uw naam op in de grootste databank van het Hageland Welke gegevens hebben wij? Sint-Pieters-Rode Welke boeken hebben wij? Enkele volkstellingen uit het Hageland Nuttige links Contact